Vertrouwenspersoon

Wat te doen tegen seksuele intimidatie en ongewenste omgangsvormen op het werk

Sinds 1 oktober 1994 heeft elk bedrijf in het kader van de Arbo-wetgeving de verplichting zijn medewerkers te beschermen tegen seksuele intimidatie, discriminatie, agressie, geweld en de nadelige gevolgen daarvan.

Het uitgangspunt van een bedrijf moet zijn om een veilige, gezonde en prettige werkomgeving te bieden aan alle medewerkers en het bedrijf zal daarom seksuele intimidatie, discriminatie, agressie en geweld, in welke vorm dan ook, op geen enkele manier mogen tolereren.

Van directie en leidinggevenden wordt voorbeeldgedrag in deze verlangd. Dat wil zeggen dat men zich niet discriminerend, agressief, gewelddadig of seksueel intimiderend gedraagt en dat men onmiddellijk ingrijpt wanneer men geconfronteerd wordt met een situatie waarin sprake is van genoemd gedrag door anderen in de organisatie.

Wat wordt volgens de wet onder seksuele intimidatie verstaan?

Ongewenste seksuele toenaderingen, verzoeken om seksuele gunsten of ander verbaal, non-verbaal of fysiek gedrag van seksuele aard.

Wat wordt volgens de wet onder agressie en geweld verstaan?

Voorvallen waarbij een werknemer psychisch of fysiek wordt lastig gevallen, bedreigd of aangevallen, onder omstandigheden die rechtstreeks verband houden met het werk. (hieronder valt ook pesten en treiteren).

Er is een aantal hoofdvormen te onderscheiden die hierna genoemd worden met daarbij een voorbeeld hoe dit tot uiting kan komen in gedrag. 

  • Sociaal isoleren: iemand doodzwijgen, negeren of nadrukkelijk minachten. 
  • Werk onaangenaam en onmogelijk maken: iemand steeds de rotklusjes geven, informatie bewust niet doorgeven etc. 
  • Bespotten: vanwege uiterlijk, gedrag, wijze van praten, een andere levensstijl. 
  • Roddelen: op een voortdurende negatieve manier praten over een collega. 
  • Dreigen: variërend van dreigen met ontslag of overplaatsing tot vage dreigementen zoals “we krijgen je nog wel”. 
  • Lichamelijk geweld: niet alleen slaan maar ook bijvoorbeeld iemand opsluiten. 
  • Verbaal geweld: steeds dezelfde personen uitschelden. 
  • (seksuele) intimidatie: handtastelijkheden, intimiderende opmerkingen, maar ook aanranding en verkrachting. 
  • Racisme: vormen van bovenstaande gedragingen met de bedoeling iemand vanwege etnische afkomst te kleineren. 

Van belang bij ongewenst gedrag is dat degene die het gedrag ondergaat, bepaalt wat niet gewenst is.

Als je last hebt van ongewenst gedrag is het niet nodig dat je ermee rond blijft lopen. Je kunt je wenden tot de vertrouwenspersoon en die kan het volgende voor je doen:

  • Goed naar je luisteren en zorgen voor de eerste opvang. 
  • Samen zoeken naar oplossingen in de informele sfeer. 
  • Onderzoeken of bemiddeling een oplossing kan bieden. 
  • Je begeleiden, ondersteunen, adviseren tijdens dit proces. 
  • Informatie verstrekken over de mogelijk te volgen procedures en de consequenties daarvan. 
  • Verwijzen naar instanties die degene die de melding doet kunnen ondersteunen. 
  • De melder onvoorwaardelijk steunen indien het tot het indienen van een officiële klacht komt.

De vertrouwenspersoon staat altijd naast degene die de melding doet.

De vertrouwenspersoon heeft absolute geheimhoudingsplicht.

Opgeleid bij Bezemer en Kuyper en ingeschreven als gecertificeerd lid bij de beroepvereniging, de LVV

Voor contact hier een link naar het mailadres
Dit e-mailadres wordt beschermd tegen spambots. JavaScript moet zijn geactiveerd om het te bekijken.



Citaat

"Een kind opvoeden is geen emmer vullen maar een vuur ontsteken"

Rudolf Steiner

Boek

BoekDavidDewulf‘Mindfulness’
Een pad van vrijheid
Auteur: David Dewulf
>> Meer informatie